Eén van de belangrijkste onderdelen van het ouderschapsplan is de omgangsregeling. De wetgever heeft bepaald dat ieder kind recht heeft op omgang met zijn ouders. Dit staat los van het gezag. Ook de ouder, die het gezag niet heeft, heeft recht op en de verplichting tot omgang met zijn kind. Als ouders geen omgangsregeling kunnen afspreken, stelt de rechter er één vast.
Ontzegging omgang
De rechter ontzegt omgang alleen, als dit 'ernstig nadeel zou opleveren voor de geestelijke of lichamelijke ontwikkeling van het kind, als de betreffende ouder kennelijk ongeschikt of niet in staat is tot omgang, als het kind van ernstige bezwaren heeft doen blijken of als de omgang anderszins in strijd is met de zwaarwegende belangen van het kind'. Omgang wordt dus alleen in ernstige gevallen ontzegd.
Omgang in extreme situaties
Er zijn schrijnende verhalen over slecht lopende omgangsregelingen. Dit kan aan beide ouders liggen. In extreme gevallen, als alle andere middelen hebben gefaald, gaat een rechter soms zover om lijfsdwang of dwangsommen op te leggen. Een andere extreme oplossing is het wijzigen van het gezag. De rechter kent dan het ouderlijk gezag toe aan de omgangsouder.
Aanpak HSM advocaten
Wij merken dat een procedure over een omgangsregeling desastreus kan zijn voor zowel de verhouding tussen de ouders als het welzijn van het kind. Om dit te voorkomen, zoeken wij naar andere oplossingen. Wij voeren overleg en werken daarnaast samen met psychologen die gespecialiseerd zijn in echtscheidingssituaties. Op die manier lukt het vaak om toch in overleg een omgangsregeling te ontwerpen waar alle partijen tevreden over zijn.